Dankbaar met kerst

Aardappelen

Kerstavond 1944. Het voedsel van de gaarkeuken had met voeding weinig te maken gehad. Kort voor spertijd werd er gebeld. Voor de deur stond de dominee met een zakje aardappelen. Echte aardappelen. Mijn moeder deed open en de tranen schoten in haar ogen. ‘Dank u wel’ was het enige dat ze uit kon brengen. Direct begon zij de aardappelen te schillen en te koken. We hebben gesmuld. De volgende dag ontstak zij drie kaarsenstompjes in een groen boompje. De stompjes had ze zorgvuldig bewaard van het vorig jaar. Het was eerste kerstdag en mijn vader las het kerstevangelie uit de Bijbel voor. Ver boven ons dreunden de eskaders bommenwerpers op weg naar hun doelen in Duitsland. Oorlog houdt geen rekening met christelijke feestdagen.

Kindertijd

Deze ervaring uit mijn kindertijd komt altijd weer boven als het kerstavond is. Het best voelt het aan om deze avond in alle rust door te brengen. Geen herrie om me heen, gewijde muziek en soms een goed kerstverhaal om te lezen. Rust, warmte en een glas wijn. Dat zijn voor mij de ingrediënten waarmee ik mij voorbereid op een paar dagen die ik toch altijd van een bijzondere betekenis vind. Het kerstverhaal stel ik mij dan voor. Een overvolle stad, een echtpaar waarvan de vrouw ‘op alle dag’ loopt. Arme mensen die wanhopig een slaapplaats zoeken.

Kribbig met kerst

Een wanhoop die overeenkomt met de huisvrouw in de hongerwinter die haar kind en zieke man ziet wegkwijnen. Dan, opeens, staat daar de dominee voor de deur met een zakje echte aardappelen. Als je dat afzet tegen de huidige tijd waar niemand hoeft te verhongeren, waar de winkels uitpuilen van koopwaar, dan wringt er iets binnenin mij. Omdat de mensen maar zelden meer tevreden zijn. Omdat een uiterst besmettelijk virus de mensen beperkingen oplegt die enige sociale inslag behoeven. Afstand houden, mondkapjes op en met niet meer dan dertig personen naar de kerk of het theater. Velen worden kribbig. Kribbig met kerst: ‘En dan mogen we ook nog geen vuurwerk afsteken met Oud en Nieuw.’ 

Geestelijke rijkdom

In vijfenzeventig jaar is de herinnering aan wat echte armoede, wat echte honger en wat echte onvrijheid is teloor gegaan. Sterker nog, we worden kribbig als een klein kind, als we onze zin niet krijgen. Kribbig bevat het woord kribbe. Dat is de wieg van de allerarmsten. De grootste armoede bracht ons wel een ongekende geestelijke rijkdom. 

Ik wens u een rustig maar vooral ingetogen kerstfeest toe.

Wouter B. Blokhuis

Meer blogs …

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *