Mode

Tot de negentiende eeuw was er vrijwel geen confectie. De welgestelden vervoegden zich bij een kleermaker of huisnaaister en kregen daar dan precies die jurk of dat pak aangemeten dat ze wilden hebben. Dit is allemaal niet meer zo. Kleding op maat is een uitzondering geworden en wie iets nieuws nodig heeft, struint de winkels of het internet af op zoek naar datgene wat hem of haar bevalt.

Aan mij is deze vooruitgang op kledinggebied niet besteed, want ik vind zelden iets waarin ik me thuis voel.

Ik heb wat de verkopers in de modewinkels met een meewarige blik een “klassieke smaak” noemen, een eufemistische term voor “hopeloos ouderwets.”

En daardoor heb ik een moeizame verstandhouding met herenmode. Ik draag graag overhemden met een button down kraag, maar die zijn er praktisch niet meer. Poloshirts met borstzakjes zijn bijna niet te krijgen, terwijl juist zo’n borstzakje heel handig is. Driedelige pakken kan ik nergens krijgen, double-breasted evenmin. Wat ze me in de winkel laten zien zijn te krappe jasjes en broeken met te smalle pijpen, waarin ik rond loop als een slecht gestopte worst.

Ook de spencer, het pullovertje van vroeger, is er bijna niet meer. Ik draag ze wel eens, maar onlangs kreeg ik op dit punt toch een gevoelige tik toen ik ergens las dat theologen in het algemeen zeer slecht gekleed gaan. Ze verschijnen volgens de auteur vaak in een a-modieus wijnrood spencertje. Terwijl ik dit schrijf realiseer ik me ineens dat ik ……een wijnrood spencertje aan heb.

Trendy en flitsend gekleed gaan zit er voor mij dus niet in. Maar op een goede dag, daarvan ben ik overtuigd, zal mijn hopeloos ouderwetse smaak weer mode zijn. Want alles herhaalt zich, een theoloog weet dat als geen ander.

Johan de Wit

Meer blogs …..

Zomer, koud buiten, warm van binnen

Zomer en koud

Het is zomer, maar het is koud en ik zit met mijn vest aan te werken. Dat voelt niet lekker. In de winter draag ik mijn vest graag maar in de zomer niet. In de zomer koester ik de warme stralen van de zon, het licht en de mooie vroege ochtenden.
Het donkere weer helpt ook al niet bij de yogales, daar vraagt een stem om me te concentreren op het mooiste licht dat ik ooit gezien heb. Het licht zal me dragen en verder brengen. Als de zon schijnt, bedenk ik, is dat veel makkelijker dan bij een donkere zomerdag. Had ik maar een sterk innerlijk licht, dan had ik misschien minder zon nodig.

Houden van de zon

Ondanks alle verhalen over de opwarming van de aarde en de schade die zon op je huid kan doen, houd ik van de zon. De zon is voor mij toch het goede licht, het mooiste licht dat je je je kunt voorstellen. Zon dus, maar met mate. Niet in de zon zitten, maar onder een boom met een boekje en een muziekje. De zon moet wel schijnen dan, anders is er niets aan onder welke boom dan ook.

Innerlijk licht

Misschien heeft de behoefte aan zonnelicht wel te maken met mijn innerlijk licht dat gevoed wil worden. Het zomerlied ‘Sitting on the Dock of the Bay’ van Otis Redding https://www.youtube.com/watch?v=rTVjnBo96Ug moet klinken met zonlicht. Ik kan het me niet voorstellen bij druilerig weer. Maar altijd de milde zon van de ochtend of het avondlicht, nooit gloeiend heet natuurlijk.

Laat je dragen

Zonlicht is niet beheersbaar, althans nog niet. We kunnen de zon niet aan of uitschakelen. Met het innerlijk licht weet ik het nog niet. Er zijn in yogalessen veel oefeningen voor om je innerlijk licht te zien en te versterken, en ik denk dat het soms ook wel lukt, maar ook hier is iets wat je niet zomaar aan of uit kan schakelen. Je kunt het wel trainen en misschien een beetje beheersen.

Dus mocht de zon niet schijnen, wend je tot je innerlijke licht. Het is inspirerend je zo te laten dragen. Het verwarmt echter alleen op spirituele wijze en je moet er een vest bij aantrekken!

Mooie zomer met innerlijk licht en zon toegewenst.

Wies Houweling
algemeen secretaris

 

Meer blogs …. 

 

Vrijzinnige horeca

Terras

Net toen bleek dat de zware wolken toch geen gevolgen zouden hebben en de zon een voorzichtige poging deed om iets van de dag te maken, werd een terrasje in orde gemaakt. Kleurige stoeltjes werden bij tafeltjes gezet waardoor een en ander een uitnodigende indruk maakte. De behoefte aan koffie deed ons op de uitnodiging in gaan, wij streken neer op het terras. Een wat morsige oudere man in de kleding van het café kwam naar ons toe. Zijn instructies kwamen niet helemaal over maar dat kan ook gelegen hebben aan mijn wat verminderde spraakverstaanbaarheid. Wij tekenden een bonnetje waarop onze koffiewensen waren vermeld. Even later verscheen een allervriendelijkste jongeman in dezelfde uitmonstering als zijn oudere collega. Hij kwam vragen of alles naar wens was. Zijn aangeboren handicap was hem van zijn gezicht of te lezen.

Liefde en toewijding

Korte tijd later kwamen er meer gasten op het terras en werd ons duidelijk wat hier speelde. Dit café werd grotendeels gerund door personeel met een verstandelijke beperking. Alleen de leidster en degene die over de kas ging waren niet gehandicapt. We raakten onder de indruk van de liefde en toewijding van deze mensen. Er ging ook wel eens iets mis. Op een gegeven moment glipte een schotel uit een van de handen. De reactie was verdriet. Grote biggeltranen vloeiden. Er werd echter tijd genomen om degene die dat was overkomen te troosten. Ondanks de toegenomen clientèle op het terras werd daar gewoon tijd voor gemaakt.

Zinvol

Van de kant van de bezoekers werd geen haast gemaakt. Men wachtte rustig op zijn bestelling. Het was echter niet alleen de sfeer die er heerste, maar ook het gevoel dat deze mensen op die manier kunnen functioneren, wat ons niet onberoerd liet. Het is te begrijpen dat een soortgelijke manier van meedraaien in de maatschappij niet voor iedereen met een verstandelijke beperking is weggelegd. Echter is het voor wie daarin past, een zinvolle manier van leven. Het gewoon opgenomen zijn in de maatschappij van alle dag lijkt voor deze mensen een grote voldoening met zich mee te brengen, afgaand op de vreugde, liefde en toewijding die ze aan de dag legden. Dat is denk ik, een ultieme manier om voor hen zingeving in hun bestaan te brengen.

Mens onder de mensen

Het gaat hun waarschijnlijk niet zozeer om de prestatie die ze leveren als wel om het gevoel een steentje bij te dragen aan het maatschappelijk bestel. Kortom, het gevoel mens te zijn onder de mensen.

Wouter Blokhuis

Meer blogs ….

Een man in bad

Beelden

Als ik naar het station loop om naar mijn werk te gaan, loop ik langs de kunstwerken van Art Zuid. Op het Minerva-plein zit nu een man in bad en Kate Moss kom ik tegen in een onmogelijke yoga-houding. Ik moet lachen en denk over andere dingen na dan normaal. De beelden verleggen mijn grenzen. Deze kunst is toch vreselijk vrolijk vrijzinnig.

Elke keer als ik langs Kate Moss loop en haar in die onmogelijk houding zie bewonder ik haar en moet ik glimlachen om de schoonheid, de onmogelijkheid en de moeite die het kost. Is het vergelijkbaar met onze pogingen om jong en vitaal te blijven? Wringen we onszelf in onmogelijk bochten en situaties om maar fris en fruitig over te komen? Verderop staan 6 bronzen badkuipen en in een van de kuipen ligt een man. De eerste keer zag ik hem niet, de tweede keer dacht ik dat er iemand in was gaan liggen, om te slapen. Ik was eerst geërgerd over het beeld van de man in bad, maar het bleek een echt beeld te zijn. Waar is er hier eigenlijk nog plek om buiten te slapen? Als je zoveel mooie baden neerzet, waarom zou je er niet in mogen liggen?

Kunst raakt

Kunst verlegt grenzen. Je ziet dingen die er niet zijn. Je denkt aan dingen die niet er (nog) niet zijn. Je bedenkt vragen die anders niet opkomen. Kortom, je wereld wordt groter en bij Art Zuid ook vrolijker.

Kunst raakt mensen aan en beweegt, maakt vrolijk, maar troost ook. Er is geen begrafenis zonder muziek. Muziek troost, hoe het precies werkt weet ik niet. In alle begrafenissen die ik ooit leidde was de muziek zorgvuldig uitgezocht door de rouwenden en zij waren getroost. Het is belangrijk op zo’n moment de passende muziek te horen. Er wordt door kunst een diepere laag in ons geraakt.
Er dan te bedenken dat veel kunstenaars en kunstenaressen, zo slecht worden betaald.

Het geschreven woord, dat betaalt! In de wetenschap, in de managementbureaus, in de consultancy. Alle rapporten en verslagen, hoeveel zouden die per woord opbrengen? We proberen vaak alles in woorden te vatten, maar kunst gaat veel verder.

Het woord

Ook in de grote religies heeft het woord, het geschrevene, grote nadruk. Alles komt voort uit het woord. Een predikant heet ook dienaar van het woord, is een woordkunstenaar? Is God wel een woord, wat wil er met het woord God uitgedrukt worden? Kan dat wel in woorden? Hebben we daar niet heel veel meer bij nodig aan kleur, geur, geluid, gebaar? Hebben we daar ook niet heel veel kunstenaars bij nodig? Die ons troosten met muziek, ons vragen stellen, ons iets van de zin in het leven laten zien, die ons laten lachen?

Wies Houweling
algemeen secretaris

Meer blogs … 

Bijlichten

Opschonen

Soms kom ik er toe om een poging te wagen bepaalde mappen in mijn computer op te schonen. Het overbodig geworden materiaal verwijderen, alleen het essentiële behouden. Dan blijken er opeens nog bestanden te bestaan die tien, twaalf jaar geleden interessant waren, maar nu nietszeggend zijn geworden. Op zich is dat soms een vreemde constatering: zaken die je toen met grote stelligheid beweerde, zijn inmiddels achterhaald of door de feiten weerlegd. ‘Met de kennis van nu…’ zeggen politici dan. Een grote smoes. Maar erkennen dat je toen fout zat is oh zo moeilijk.
Ditmaal waren mijn afbeeldingen aan de beurt. Daar liggen de kaarten anders. Het zal zeker niet de laatste keer zijn geweest dat iemand vroeg:
‘Heb jij nog niet ergens een foto van deze of gene?’ Zo kwam ik nog niet zolang geleden een aula binnen en zag daar meer dan levensgroot het portret van de overledene (vergeef me de woordspeling) die ik van mijn harde schijf geplukt had.

Serie

Nu leverde deze actie iets totaal anders op. Bij het doorlopen van de bestanden stuitte ik op een serie die ik dertien jaar geleden gemaakt had. Ik had er echter nooit wat mee gedaan. Dat kwam door een paar technische redenen en een praktische. Deze laatste was dat ik gewoon de rust niet had gehad om er eens goed naar te kijken. Een van de praktische redenen was dat de meeste opnamen onderbelicht waren. De serie ging echter over een plechtige gebeurtenis waarna een groot feest plaatsvond. Nu besloot ik te kijken of er nog iets te redden viel. Met moderne digitale hulpmiddelen ontrolde zich voor mij een serie van blije mensen, bij het zien waarvan ikzelf ook blij werd. Met de juiste belichting kregen de mensen kleur en hun persoonlijkheid weer terug.

Metafoor

Tegelijkertijd zag ik dit gebeuren als een metafoor. Soms moet je moeite doen om mensen naar waarde te schatten. Of moet je de belichting aanpassen. Daarnaast moet je soms de beelduitsnijding aanpassen door overbodige zaken uit beeld te halen, zodat de pure mens zichtbaar wordt. Maar altijd moet je je verdiepen in je medemens. Door naar hem te kijken. Ik kom wel eens mensen tegen die zingeving zoeken in verdieping. Zij lezen moeilijke boeken en praten daar dan met elkaar over. Maar als je daarbij je medemens over het hoofd ziet, kun je verdiepen wat je wilt. Je medemens blijft onderbelicht.

Hoe zei de apostel Paulus dat ook weer? ‘Maar had ik de liefde niet…’

Wouter Blokhuis

Meer blogs …

Hemelval

Over het algemeen houden vrijzinnigen wel van een feestje, maar toch wordt een van de traditionele feesten in vrijzinnige kringen nauwelijks gevierd: Hemelvaart. Ook in ‘mijn’ Regentessekerk in Apeldoorn is er op Hemelvaartsdag geen viering.

Hemelvaart onder vrijzinnigen

Dat Hemelvaart onder vrijzinnigen zo weinig geliefd is, komt volgens mij vooral doordat er een verouderd wereldbeeld aan vast lijkt te kleven. Dat Jezus verdwijnt in de hemel boven ons en vervolgens plaatsneemt aan de rechterhand van God, is een beeld waar weinigen nog iets mee kunnen. Uiteraard kun je er een symbolische uitleg aan geven, maar ik zou liever het beeld op zijn kop zetten: in plaats van hemelvaart een hemelval.

Hemelval

Ooit was een hemelval een dreigend schrikbeeld. Voor sommige volken in de klassieke oudheid bijvoorbeeld. Nog voordat Alexander de Grote in 334 v.Chr. de oversteek maakte om het immense Perzische rijk te veroveren, trok hij naar de noordelijke grensgebieden van zijn vaderland Macedonië. Daar stuitte hij op de onverschrokken stammen van de Thraciërs en Illyriërs. Alexander stuurde boden naar hen met de vraag waarvoor ze het bangst waren. Vanzelfsprekend hoopte Alexander dat ze zijn naam zouden noemen. Ze kwamen echter met een verrassend antwoord. Hun grootste angst was dat de hemel op hun hoofd zou vallen.

Reden voor een feest

Inmiddels is de hemel volgens mij allang naar beneden gevallen. De hemel zij dank, zou ik daaraan toe willen voegen. Eeuwenlang hebben kritische twijfelaars en scherpzinnige vrije denkers de hemel met vragen bestormd, tot die ten slotte neerstortte en in ontelbare brokstukken uiteenspatte op aarde. Het bovenaardse, vaak angstwekkende bijgeloof is niet meer. Wat rest is een fragmentarische theologie die bestaat uit scherven en brokstukken hemel, die overal in het dagelijks leven kunnen opduiken. Want sinds de hemel niet langer boven ons hangt, is hij overal rondom ons te ontdekken. Het is dus de grootste zegen dat de hemel op ons hoofd is gevallen en reden genoeg voor een feest (al kan dat ook prima buiten de muren van een geloofsgemeenschap).

Klaas Douwes
voorganger Apeldoorn

Meer blogs ….

 

Robotologica: domotica

Domotica

De manager van de zorginstelling was helemaal de weg kwijt van de technische ontwikkelingen in deze tijd. Domotica zag zij als dé oplossing voor tal van problemen in de zorg. Domotica zijn technische voorzieningen die het leven van ouderen en gehandicapten kunnen verlichten. Alarminstallaties, deuren die van zelf open en dicht gaan, lichten die automatisch aan- en uitgaan, kortom alles is mogelijk. Helemaal enthousiast werd de manager toen een robotje werd gedemonstreerd. Een soort sprekende pop, maar dan een met enige taalontwikkeling, die het stadium van ‘Mamma’ zeggen lang achter zich had gelaten.

Robotpop

Er werd een verzorgende omgeschoold om de pop te programmeren, en voor veel geld werd een robotje aangeschaft. In een persbericht werd verteld dat de robotpop een stimulans bij de bejaardengymnastiek ging worden:
‘Armen omhoog’, en de robot deed ook mee. De cliëntenraad wilde er het fijne van weten en organiseerde een demonstratie tijdens een vergadering. In een uur tijd van vruchteloos met een laptop in de weer zijn, brandde er even een groen lichtje op de pop. Verder gebeurde er niets, want de wifi die noodzakelijk is voor de ondersteuning, ontbrak. De robotpop slaapt nu.

Vergrijzing

In de wereld kunnen we verschillende processen waarnemen. We zien de toenemende krapte op de arbeidsmarkt, de grote toename van het aantal ouderen, de stijging van de levensverwachting en daaraan gekoppeld de zorgen over ons pensioen. Aan de andere kant waarschuwen bekende auteurs voor banenverlies door toenemende automatisering. Veel mensen komen zonder werk te zitten omdat hun werk door machines wordt overgenomen. Hoe kun je dan zorgen dat deze ‘overbodige’ mensen toch een zinvol bestaan leiden?
Duidelijk is dat mensen steeds ouder worden. De valkuil is echter dat hun belastbaarheid niet met de leeftijd meegroeit. Het idee dat een stratenmaker of een lasser in de zware metaalindustrie tot zijn 67ste of misschien nog langer door zou kunnen werken is absurd.

Zingevingsvolle oude dag

Hoe houden we dan de maatschappij draaiende? Door apparaten uit te vinden die dat zware werk over kunnen nemen. Als je naar de auto-industrie kijkt zie je een woud van robotarmen die heel veel werk van de mens hebben overgenomen. In de Nederlandse scheepsbouw zie je nog een legertje handwerkslieden bezig. Daar is nog heel wat eer te behalen aan automatisering. Niet heel onwaarschijnlijk is dat ons omringende landen op dit gebied al verder zijn, want de geschetste problemen zijn niet specifiek Nederlands of Europees.
Willen wij ouderen in de toekomst een zingevingsvolle oude dag bezorgen, dan moeten we nu maatregelen uitvinden om hun werkzaamheden te verlichten, maar sprekende poppen zijn goed voor de speelgoedwinkel.

Wouter Blokhuis

Meer blogs …

5 mei 2019: het woord vrijheid klinkt weer overal

5 mei

5 mei 2019: het woord vrijheid klinkt weer overal. Nederland herdenkt blij zijn bevrijding van de nationaalsocialistische terreur, 74 jaar geleden. Laten we zeggen: er ligt een mensenleven tussen dat historische moment in 1945 en nu. Hoe staat het zo veel jaren later met de vrijheid? Is vrijheid altijd blijheid? Ik zou zeggen: daar hebben we wel een dingetje, dat woord vrijheid heeft iets ingewikkelds gekregen, nu we een mensenleven verder zijn.
Waarom?

Franse revolutie

De vraag is lastig maar ook dringend. Vrijheid is nog steeds een toverwoordje in onze cultuur, wie vrij is zit goed. Daarover hoeven we toch niet te discussiëren? Zelfs het liefdesspel noemen we in onze taal ‘vrijen’, dat geeft aan hoe vanzelfsprekend we vrijheid associëren met iets moois…
En toch is vrijheid juist nu een dingetje. Thierry Baudet verwerpt de idealen van de Franse Revolutie: vrijheid, gelijkheid en broederschap. Ze zouden de gemeenschappen waarin mensen gedijen hebben verstoord; ze hebben individualisme gebracht en uiteindelijk oorlog en terreur. Liberalisme, socialisme, fascisme, Baudet gooit ze op één hoop en wijst ze aan als de boosdoeners. De ‘elite’, toen – in 1789 – en nu is de spreekbuis van dit kwaad: weg met de academici, de schrijvers, de kunstenaars en hun vrijheden. Op naar een nieuw leiderschap, naar nieuwe autoriteit. Als we Baudet mogen geloven, is het dus gek genoeg de vrijheid zelf die tot de ramp heeft geleid waarvan we het einde op 5 mei blij herdenken.
Ja, vrijheid is een dingetje geworden: waarom stemden zo’n miljoen kiezers in maart op een politicus die de vrijheid van het verlichte Europa in diskrediet brengt?

Vrijheid

Wel, dat komt echt niet omdat mensen van nu tegen de vrijheid zijn. Maar omdat ze zich in de steek gelaten voelen door een bepaald idee van vrijheid: dat van de vrije markt. Baudet’s retoriek is dom, simplistisch en ‘gevaarlijk utopisch’, zoals de historicus Han van der Horst laatst schreef op ‘Joop’, de opiniesite van BNNVara. Maar het echte gevaar zit in de neoliberale vermarkting van de samenleving, die mensen tot ondernemers van hun eigen bestaan maakt. Van die vrijheid hebben veel mensen schoon genoeg. Ze zijn moe van het ondernemen, renderen, groeien, presteren, van meten en efficiëntie, van het denken in termen van winners en losers, van de steeds toenemende ongelijkheid en onrechtvaardigheid. Ze willen vrijheid, maar ook verbinding. Baudet voelt dat haarfijn aan.

Is vrijheid altijd blijheid?

Daarom staat vrijheid op 5 mei 2019 onder druk, staan wij onder druk om een andere vrijheid te bedenken en in de praktijk te brengen. Niet vrijheid in de vuilnisbak gooien, zoals Baudet doet, maar de uitdaging aangaan om vrijheid uit het keurslijf van individualisme en ondernemerschap te bevrijden, op weg naar een vrijheid in verbinding. Dat zijn nu nog mooie woorden, maar zolang we 5 mei vieren, weet ik zeker dat de 21ste eeuw de eeuw wordt waarin we die woorden in daden zullen omzetten. We zullen wel moeten!
In ons boek Is vrijheid altijd blijheid? Vrijzinnige vragen over de vanzelfsprekendheden van onze tijd maken we daarmee een begin. Vers van de pers…

Laurens ten Kate

Het boek Is vrijheid altijd blijheid verscheen op 30 april bij KokBoekencentrum Uitgevers. Het is geschreven door Wies Houweling (red.), René ten Bos, Laurens ten Kate, Enis Odaci, Janneke Stegeman, Lisette Thooft en Welmoed Vlieger. https://www.kokboekencentrum.nl/boek/is-vrijheid-altijd-blijheid/

Recensie: De keuze (4-5 mei 2019)

Bert Jansen, oud-voorganger, stuurde ons deze boekrecensie bij 4-5 mei 2019

De keuze door dr. Edith Eva Eger

Levensverhaal
Edith Egers boek De keuze is een roman met een sterk autobiografische inslag.(1) Edith wordt geboren in een joods gezin in Hongarije. Samen met haar ouders en zus wordt ze in 1944, 16 jaar oud, opgepakt en naar Auschwitz gestuurd. Haar ouders worden direct na aankomst vergast. Edith maakt met haar dansen -zij was muzikaal en deed aan ballet- indruk op Mengele. Zij krijgt als beloning een brood toegeworpen. Bij dit dansen zijn haar gedachten elders, in een droomwereld. Dit wordt haar redding. Edith overleeft Auschwitz en de andere concentratiekampen, waarin ze na de dodenmars ook nog terecht komt.
Ze vertelt haar levensverhaal pas op hoge leeftijd. De strekking van het boek is: Wat er ook gebeurt, je hebt altijd een keuze. En dat zegt dan iemand, die in haar leven door diepe dalen is gegaan. Dat maakt haar verhaal ook geloofwaardig.

Therapie bij Jung
In de jaren vijftig had Edith hulp nodig, om de kloof, die er tussen haar en haar man Béla was ontstaan, te overbruggen. Het was de eerste stap in het vinden van een weg hoe om te gaan met pijn en verdriet. Een vriend van haar raadde haar een jungiaanse therapeut aan, die bij Jung in Zwitserland had gestudeerd. ”Ik wist bijna niets over klinische psychologie in het algemeen of jungiaanse psychologie in het bijzonder, maar nadat ik over dit onderwerp had gelezen, spraken verscheiden jungiaanse ideeën mij aan. Ik hield van de nadruk op mythen en archetypen, die me deden denken aan de literatuur, waar ik als jong meisje van had gehouden. En het idee om bewuste en onbewuste delen van iemands psyche samen te brengen tot een uitgebalanceerd geheel, intrigeerde mij.”(2) Wat haar vooral aansprak in Jungs therapeutische visie, was, dat je je bewust moet zijn van alles wat je doet. Edith wilde beter worden en bloeien. Ze wist dat het geen gemakkelijke weg was. Op de omslag van het boek wordt die weg gesymboliseerd door prikkeldraad , met een enkel bloemetje, waar je doorheen moet.

Psycholoog en psychiater
Edith studeert cum laude af in de psychologie aan de universiteit van Texas in El Paso. Daarna volgt zij de opleiding tot psychiater. Ze vroeg zich af, hoe ze mensen kon helpen om hun beperkende inzichten over zichzelf te overstijgen, om te transformeren in de persoon die ze hoorden te zijn. Haar eerste patiënt was een meisje, dat leed aan anorexia. Ze hielp het meisje over een dood punt heen, een groot minderwaardigheidsgevoel.
“Om te genezen moeten we de duisternis omarmen. We wandelen door de vallei van de schaduw op weg naar het licht,” had ze van Jung geleerd.(3) Edith begeleidde vanuit die gezindheid Vietnamveteranen, die ze leerde hun trauma’s -verwondingen- te accepteren. Wil je helen, dat moet je het litteken niet uitwissen, je moet het verzorgen. Want het verleden kun je niet veranderen, het heden wel. Die positieve instelling is steeds de leidraad in haar leven geweest. “Ik laat je gaan, schreeuw ik tegen het oude verdriet, ik laat je gaan!”(4)

Auschwitz
Zij heeft de moed bijeen geraapt om Auschwitz te bezoeken. “Als je niet naar Duitsland gaat, dan heeft Hitler de oorlog alsnog gewonnen.”, zei haar man.(5)
Bij haar bezoek aan Auschwitz komen de verschrikkelijkste herinneringen boven. Maar zelfs, zo stelt ze, toen, in die gevangenis, in die hel, kon ik kiezen welke gedachten ik had, of, dat ik al dan niet tegen het schrikdraad zou lopen, of uit het bed zou komen.

Zelfhulpboek
De keuze is eigenlijk een modern zelfhulpboek, waarin Jung expliciet aan de orde komt. Misschien heb ik uw nieuwsgierigheid gewekt om deze eigentijdse roman te lezen.

Bert Jansen
oud-voorganger

1. Dr. Edith Eva Eger- De keuze, Amsterdam 2017
2. Dr. Edith Eva Eger, p. 194
3. Dr. Edith Eva Eger, p. 264
4. Dr. Edith Eva Eger, p. 249
5. Dr. Edith Eva Eger, p. 242

Brexit ofwel bezint eer gij begint

Lidmaatschap

Je bent lid van een club. Een sportclub of misschien wel een vrijmetselaarsloge of een kerkgenootschap. Nu heb je een buurman waar je, zoals dat heet, ‘goed’ mee bent. Je drinkt wel eens een glas wijn met de buurman, maakt wel eens een wandeling samen en je past af en toe op de hond. Zonder dat je het eigenlijk in de gaten hebt praat buurman wel eens op je in.
‘Wat zie je toch in die club?’ vraagt hij dan. En dan blijkt dat je toch niet zo makkelijk een antwoord formuleert. Je vindt het moeilijk om de buurman uit te leggen wat je aan die club bindt. Stiekem denk je aan de forse contributie die je net weer hebt voldaan. En een stemmetje dat je niet wil horen vraagt je of het dat allemaal nog wel waard is. Daarbovenop komt dan de herinnering aan de woorden die je had met de voorzitter. Je bent al langer lid dan die voorzitter en de man denkt dat hij de club wel even kan reorganiseren.

Zinvol?

‘Voor mij is het een zinvol lidmaatschap,’ zeg je, ‘want de leden worden in hun waarde gelaten. De vereniging op zich heeft daarbij diverse culturele activiteiten waar niet alleen ik maar ook mijn vrouw plezier aan hebben.’ En meteen denk je aan de laatste barbecue toen je met een vlek op je nieuwe broek thuiskwam.
Tijdens de volgende bijeenkomst krijg je weer woorden, ditmaal met een ander bestuurslid. Je komt thuis en zegt enigszins verhit:
‘Ze kunnen me wat. Ik stop ermee. Ik stap eruit.’ Vrouwlief zegt de volgende ochtend nog wat kalmerende woorden, maar je hebt de voorzitter al gemaild. De voorzitter reageert direct: daar moeten we eerst over praten. Maar je bent vastbesloten, dat wil je niet meer. Twee maanden later krijg je wroeging. Je mist je wekelijkse bijeenkomsten. Je mist je kennissen. Jammer, maar je kunt niet meer terug.

Schrale troost

Een schrale troost. Je bent de enige niet die zo handelt. Hele volksstammen gaan op deze manier de fout in. Ze klampen zich soms vast aan referenda die statistisch gezien nauwelijks enige waarde hebben. Dat allemaal door een gekrenkte trots en het onvermogen te zien dat het ene volk niet beter is dan het andere.

Terug naar je club. Gevoelens van boosheid kennen we allemaal. Maar voordat je je impulsen de ruimte geeft, praat er over. Bedenk dat boosheid slechts een gevoel is binnen in jou. Als je de club hebt verlaten heb je je schepen achter je verbrand. Dat kun je geen zingeving meer noemen.

Wouter Blokhuis

Meer blogs