kwetsbaarheid van de vrijzinnigheid

Kwetsbaarheid van de vrijzinnigheid

Na mijn recent verdedigde proefschrift ‘A Second Reformation?’ verscheen op zaterdag 13 mei jl. in het opinieblad Elsevier een korte beschouwing over de ontwikkelingsgeschiedenis van de Nederlandse vrijzinnigheid.

De auteur, Gerry van der List, concludeert dat het voor vrijzinnigen in verleden en heden bijzonder moeilijk is gebleken om onder woorden te brengen waar zij precies voor staan. Ter illustratie daarvan verwijst hij naar de gelegenheidsuitgave ‘Hoezo vrijzinnig?’, die in 2015 onderdeel uitmaakte van een publiciteitscampagne van Vrijzinnigen Nederland. ‘Hoezo vrijzinnig?’ biedt volgens Van der List “weinig helderheid […] over de betekenis van het vrijzinnige gedachtegoed”. De in dit eenmalige tijdschrift door prof. dr. Laurens ten Kate geponeerde stelling dat vrijzinnigheid in feite neerkomt op het serieus nemen van de uitdagingen van de moderne tijd, doet Van der List af als “grote woorden, vage taal”.

Vaagheid

De formuleringen van Van der List laat ik voor zijn rekening; het is mij er hier niet om te doen om het waardeoordeel over de vrijzinnigheid van één journalist zelf te onderschrijven. Nee, mijn punt is hier dat de vrijzinnigheid vaker ‘vaagheid’ is verweten, al sinds het ontstaan van de zogeheten ‘moderne richting’ in het protestantisme, waaruit de hedendaagse vrijzinnigheid is geëvolueerd, in de tweede helft van de negentiende eeuw.

‘Tweede Hervorming’

De ‘modernen’ van het eerste uur erkenden dat de inhoud van hun geloof nog nadere precisering behoefde, maar hadden niettemin een duidelijk beeld van zichzelf: vrijzinnigheid was in hun mening alles wat de orthodoxie niet was, en zou de weg effenen voor een ‘tweede Hervorming’, een aanpassing van het christendom aan de tijdsomstandigheden in de geest van Luther.

Zolang modernen zich in meerderheid in dat beeld konden herkennen, was het niet problematisch dat zij ‘vrijzinnigheid’ uitsluitend konden definiëren in termen van wat het niet was en wat het wilde zijn. Op den duur, zo was hun verwachting, zouden zij de juiste woorden en vormen vinden om te concretiseren wat vrijzinnigheid wèl was. Die verwachting kwam echter niet uit.

Daarover teleurgesteld, manifesteerde zich vanaf het einde van de negentiende eeuw een nieuwe generatie modernen, die vraagtekens plaatste bij de vanzelfsprekendheid waarmee vrijzinnigheid als een ontkenning van orthodoxie werd voorgesteld, en die niet langer geloofde dat de toekomst automatisch aan de vrijzinnigheid behoorde. Het gevolg was dat de vrijzinnigheid terechtkwam in een identiteitscrisis, die tot op de dag van vandaag na-ijlt. De strijdbaarheid en het triomfalisme van weleer maakten plaats voor kwetsbaarheid.

De kwetsbaarheid van de vrijzinnigheid

Kwetsbaarheid

Die kwetsbaarheid is zowel een kracht als een zwakte van de vrijzinnigheid. Het ontbreken van een eenduidige definitie van wat ‘vrijzinnig’ inhoudt – door Van der List bestempeld als “vaagheid” –, zorgt ervoor dat ‘vrijzinnigheid’ als stroming ruim genoeg is om iedere zinzoeker te omvatten.

Wie ‘vrijzinnig-zijn’ vooral opvat als het hebben van een onbevooroordeelde geest en een open blik naar het wereldgebeuren, zoals Ten Kate doet, kan vrijzinnigheid met enig recht presenteren als een stroming die sinds de ontzuiling haar duizenden heeft verslagen.

Aan de andere kant schuilt in de afwezigheid van concrete geloofsvoorstellingen en specifieke identiteitskenmerken waaraan de vrijzinnigheid haar eigenheid ontleent, een grote moeilijkheid voor organisaties van vrijzinnige signatuur. Er zijn veel meer Nederlanders die een vrijzinnige ‘mentaliteit’ (zoals Ten Kate die omschrijft) hebben, dan dat er leden van vrijzinnige organisaties zijn. Kennelijk achten deze Nederlanders actieve deelname aan het vrijzinnige verenigingsleven niet noodzakelijk in de ‘uitoefening’ van hun vrijzinnige geesteshouding.

Meerwaarde

Kan Vrijzinnigen Nederland haar meerwaarde naar hen toe alsnog op overtuigende wijze duidelijk maken? Bovendien, waarin komt het ‘vrijzinnige’ van vrijzinnige organisaties tot uitdrukking? Zou er, buiten Vrijzinnigen Nederland, ook maar één levensbeschouwelijke gemeenschap in Nederland zijn die de buitenwereld niet van haar eigen gelijk tracht te overtuigen, maar juist in alle openheid tot reflectie op haar eigenheid oproept? (Alleen al de keuze voor ‘kwetsbaarheid van de vrijzinnigheid’ als thema voor een publiekscampagne is in dit verband veelzeggend!) Die bescheidenheid en grootmoedige zelfkritiek kunnen echter gemakkelijk doorslaan in een gevoel van onbeduidendheid en zelfrelativering.

Vraag

Vrijzinnigheid gaat meer om het zoeken dan om het vinden, meer om het stellen van vragen dan om het geven van antwoorden. De vraag is of de hedendaagse mens daarvoor het noodzakelijke geduld kan opbrengen, of de Vrijzinnigen Nederland hem met succes een hand kan toereiken, en of hij die hand vervolgens aanneemt.

Tom-Eric Krijger

Meer informatie

Proefschrift A Second Reformation?
Recensie Elsevier (pdf)
Heeft Vrijzinnigen Nederland nog een toekomst?

onvoltooid leven

Onvoltooid leven

Talloos zijn de levens die in de bloei worden afgebroken, waarvan de cirkel niet wordt voltooid. Het onvoltooide leven is tragisch, zeker zoals het vaak in deze wereld door ziekte, honger of met geweld afgebroken wordt. Het voltooide leven, een uniek Nederlands begrip, is ook tragisch. Het is een mens in nood en een schreeuw om hulp. Het gaat in beide situaties steeds over een andere toekomst dan men voor ogen had. Voltooid of onvoltooid; het einde van een leven laat ons nooit koud.

Wat is voltooid leven? Els van Wijngaarden geeft er in haar boek ‘Voltooid leven’ enkele kenmerken van. De mensen in het boek antwoorden open en eerlijk op de onderzoeksvragen. Steeds moet ik denken aan mensen die ik heb gekend of nog ken. En het is ook een gesprek dat over mijn eigen leven gaat. De vraag is dan eigenlijk ook steeds: ‘Wanneer vind ik het leven eigenlijk voltooid?’ Wat moet er in mijn leven nog allemaal gebeuren voordat ik kan zeggen, het is af of klaar? Dat zijn zaken waar ik liever niet over na denk.

Onvoltooide levens

Na het lezen van de interviews in het boek kan ik me de vraag van gezonde, oude mensen om een einde aan hun leven te mogen maken, wel enigszins voorstellen. Een van de conclusies van de schrijfster is dat er ook altijd dubbelheid is over de genomen beslissing, wel willen en nog niet willen, soms een twijfel of er toch nog iets onvoltooid is. Is dat ook de aarzeling bij het aanvaarden van het wetsvoorstel voltooid leven? Waarom zeggen we niet ruimhartig ja?

Zoals iemand tijdens de expertmeeting van GroenLinks. zei: “er zijn dagelijks zoveel onvoltooide levens,  die beëindigd worden, te korte levens van kinderen, jongeren, mannen en vrouwen wereldwijd door oorlog, honger en ziekte, waarom doen we zo moeilijk over een paar honderd mensen die hun leven voltooid noemen en ertussen uit willen? Laat ze! Laten we wat aan die andere honderdduizenden levens doen en ons inzetten voor medemensen die wel willen leven, maar niet kunnen, die hulp en steun nodig hebben.”

onvoltooid leven

Doodswens

Maar meer nog dan alle kinderen, gestorven door de honger in West-Afrika, komt de doodswens de mensen die hun leven voltooid weten in onze naaste omgeving als een monstrum op ons over. Het is confronterend, als mensen hier uit ons midden vragen om een einde aan hun leven. Zelfs al spelen  factoren als onvoldoende zorg, aandacht en weinig waardering voor hun ervaring en leeftijd mee.

Het is een oprechte vraag van onze autonome lijdende medemens. Iets in ons zal ook autonoom willen zijn en zeggen, ik ga wanneer ik het beslis, maar er is altijd die dubbelheid. Bij velen heeft dit gevoel, zelf te moeten/mogen beslissen niet de overhand, maar hoe zal dat in de toekomst zijn?

Kunnen we aan deze vraag die zo’n logisch gevolg is van de ontwikkelingen in onze samenleving op verschillende gebieden, zomaar voorbijgaan? Het is ook een vraag die respect en een afgewogen antwoord verdient. Helaas is soms de toon waarop hij gesteld wordt zo polemisch, dat zit een goed gesprek vaak in de weg.Voor de meeste mensen is het leven nog onvoltooid, we zitten er middenin. Ook daarin moeten we om leren gaan met het feit dat niet alle lijden op te lossen is. Het lijkt wel zo dat er steeds meer gedaan wordt om ziekte en lijden te verminderen, maar de mens is niet minder kwetsbaar geworden. De verantwoordelijkheid voor ons eigen lijden en niet lijden is alleen maar groter geworden. Waren we ooit schaapjes van de herder, nu zijn we af en toe klipgeiten op een kale berg.

Nederlands beleid

Er is nog geen goede zorgvuldige oplossing, we moeten er samen nog aan werken. Dit is geen strijdpunt voor partijen, dit is menselijk leed dat gehoord moet worden. We zijn niet geboren voor autonomie, maar voor de liefde. En eigenlijk zou het bij ons niet zo moeten zijn dat iemand dit wil besluiten. In zo’n wereld wil niemand leven.

Ondertussen is het wel zo, en wordt het wel door mensen zo gevoeld.Wereldwijd kijkt men gespannen naar ons beleid rondom de vraag over voltooid leven. Nergens ter wereld is er zo’n wet. Vaker liep Nederland vooraan met humane wetgeving. Kunnen we de verandering in de samenleving inschatten als gevolg van het toestaan aan mensen om er uit te stappen. Wat is de voorbeeldwerking? Hoe autonoom ben je als je zo’n besluit neemt? En hoe houd je met je keuze ook rekening met gevoelens van eventuele nabestaanden?

Vraag

De vraag blijft bij mij steeds rondzingen in mijn hoofd als ik met deze problematiek bezig ben: wat is nu werkelijk belangrijk in mijn leven en hoe kom ik daarachter voor het te laat is? Ik hoop dat dit voor meer mensen een positief neveneffect is van dit enorm moeilijke debat.

Wies Houweling

Blog Kwetsbaarheid

 

kwetsbaarheid

KWETSBAARHEID, een paar vragen …

‘Ik weet mij aan mijn naakte huid geraakt
die, niet verscholen meer, nu alle licht wil vangen.’[1]

Onze huid wordt wel het grootste orgaan van ons lichaam genoemd.  Het is onze fysieke sensor. We worden ermee aangeraakt, gestreeld, gekust, maar ook bezeerd, verwond. Daarin is een mens kwetsbaar. Wie dat weet, zal teder met dit orgaan, andermans huid, omgaan. Sommige mensen hebben of  kweken een ‘dikke huid’. Dat maakt hen minder kwetsbaar. Dat deze uitdrukking  overdrachtelijk bedoeld is, geeft al aan dat in onze lijfelijkheid onze geestelijke instelling spreekt.

Is kwetsbaarheid een eigenschap, of is het een keuze? De ene mens is meer aanraakbaar dan de andere. Huidcontact speelt een grote rol, kan nabijheid uitdrukken. Maar daardoor kan ik soms ook iemand ‘te dicht op haar/zijn huid zitten’. Onze huid is in alles onze sensor.

Soms pleit iemand ervoor, dat we ‘ons kwetsbaar moeten opstellen’. Dat klinkt als een tactiek, zelfs een trucje. Als ik maar mijn sensibele kant laat zien, zal dat ook de ander ‘ontwapenen’. Kwetsbaar willen, kunnen en durven zijn is vooral ook de bereidheid hebben je te willen laten raken en aanraken. Het is: de ander toelaten tot wie en wat ik in wezen ten diepste ben.

kwetsbaarheid

Maar kwetsbaarheid is daarom meer dan alleen maar een je open stellen. Het kan ook pijnlijk zijn. Het is ook: het risico nemen gekwetst, bezeerd te worden. Is zulke kwetsbaarheid onvoorwaardelijk, is dan de vraag?

Wie zelf kwetsbaar kan zijn heeft ook meer weet van de verwondbaarheid van de ander. Behoedzaamheid en eerbiediging zijn dan de paden voor de toenadering.

Wij dragen de naam van een Mens die onvoorwaardelijk dat risico nam, met de kruisdood als gevolg. Je moet maar durven …

Sytze de Vries, dichter, theoloog, predikant en tekstschrijver
[1] Uit het gedicht ‘Dat ik de naam mag zijn van jouw verlangen’,  uit: Sytze de Vries, Witgewassen woorden, De gedichten. Vught 2009.

Lees ook: Theologie van de kwetsbaarheid
Meer blogs lezen?

hemelvaart

Hemelvaart: een wolk van niet (zeker) weten

Een dogma mag je pastoraal zingen; je kunt het nimmer voorschrijven. Doe je dat toch, dan toon je daarmee aan dat je zelf iets van je geloof verloren hebt.

Hemelvaartstorm

Zoiets gebeurde in 1875 tijdens de Haagse “Hemelvaartstorm”, toen Domela Nieuwenhuis, die kort daarvoor twee vrouwen en een aantal kinderen verloren had, en het geloof in een liefhebbende en almachtige God aan het verliezen was. Hij kon om principiële redenen deze dienst niet leiden. In zijn plaats kwam een strenge dominee (Ivo Gaukes Knottnerus), die hem de pan en daarmee zijn eigen kerk uitveegde.

Dogma’s verketteren nog altijd, je gelooft je oren niet. Er zijn nog steeds mensen, die keihard beweren dat wij ons ‘gelovig’ moeten neerleggen bij verschrikkingen.

Hemelvaart

Hemelvaart is traditioneel de dag, dat Jezus veertig dagen na Pasen naast God terecht is gekomen om deze wereld voortaan samen in de hand te houden. Met andere woorden: als (!) alles een zin heeft, dan heeft het een goede zin. Dan heeft zowel de geschiedenis als de toekomst heeft een humaan en gezegend gezicht.

Daar kan ik wel wat mee; ik wil het helpen hopen, als blijft de melodie sterker dan de tekst. Ik wil het liedje van vertrouwen blijven zingen: Als iets of iemand de aarde in de hand heeft, dan in een goede hand, en niet in een verpletterende vuist of een dreigende vinger. He’s got the whole world..

hemelvaart

Sterven en helen

Daarnaast is Hemelvaart het beeld geworden van sterven – en dan opgenomen en geheeld worden. Je verneemt zoiets in de verhalen van bijna-doodervaringen; alleen kijken de betrokkenen dan terug op een onvolkomen lichaam. Het bijbelse verhaal laat Jezus met huid en haar opstijgen. Joodse gelovigen namen onze lichamelijkheid altijd al ernstig; op afbeeldingen zie je nog de stigmata. Maar daar hoeven we niet moeilijk over te doen.

Bijzonder verhaal

Ik kan Hemelvaart soms verstaan vanuit mijn eigen ervaring. Soms heb ik een gewaarwording, een ervaring dat het niet voor niets is. Soms ook ervaar ik, dat er in mij iets eeuwigs huist. Dat heb ik gelukkig niet op een bepaalde donderdag. Natuurlijk was die zin of dat gevoel van harmonie er al, voordat Jezus naar boven steeg. Dat hebben ouders hun kinderen altijd voorgezongen en het goddank niet met dogma’s er in gestampt. Het verhaal van Hemelvaart  moet een extra gewaarwording zijn geweest van gewone mensen, die Jezus hadden meegemaakt.

Ik vind het een bijzonder verhaal. Zeker, waar Jezus zegt dat het beter voor ons is als hij weg gaat, omdat wij nu zo langzamerhand zelf moeten fietsen; omdat we met losse handen kunnen lopen en geloven, het oude liedje neuriënd. We hebben een duwtje, een voorbeeld, de wind in de rug gekregen en sinds Pinksteren nog een lopend vuurtje ook.

Alle (basis)vertrouwen. We kunnen verder. Al lopend scheppen we het pad.

Ivo de Jong, voorganger Schiedam, Rotterdam, Woubrugge en Brielle

Meer informatie

De lucht in

Geen kyrie zonder gloria

Geen Kyrie zonder Gloria, geen 4 mei zonder 5 mei

Eens in de vijf jaar is 5 mei een officiële feestdag. Wordt het geen tijd om 5 mei elk jaar te vieren? Vooral in deze tijd waar in de wereld angst en oorlog heersen.

Op 4 mei herdenken we alle slachtoffers in dankbaarheid. We denken dan ook aan alle verschrikkingen die nu de wereld teisteren. Als 4 mei het Kyrie is voor slachtoffers, dan moet er de dag daarna een Gloria klinken om wat er wel aan goeds bereikt is tussen mensen. Een feestdag waarin centraal staat dat je meest vreselijke dingen kunt overleven. Een viering waarin het belang van vrijheid voor ieder mens betekenis krijgt.

Kyrie

Kyrie is de aanhef van een oud gebed. In de klassieke muziek zijn er veel Kyries te vinden, die daarna onmiddellijk worden gevolgd door een Gloria. In veel kerken spreken mensen op zondagmorgen een Kyriegebed uit om de ellende in de wereld en in het leven van mensen te duiden. Alleen al het uitspreken daarvan is belangrij. Zoals ook om elk jaar weer met 4 mei aandacht te besteden aan alle slachtoffers, die hun leven gaven voor onze vrijheid.

geen kyrie zonder gloria

Gloria

Meestal is het na het Kyrie even stil en dan volgt een uitbundig lied, om te laten zien dat niemand gevangen moet blijven in rouw. Dat vrijheid en vrede belangrijk zijn voor alle generaties. Vrijheid en vrede zal altijd in harten van mensen blijven en dat willen wij ook nu vieren. Juist in deze tijd, waarin er zoveel meer onzekerheid is over de toekomst. Dit zijn waarden die altijd aandacht nodig hebben.

Feest

Vrije dagen zijn belangrijk voor een samenleving. Daarin weerspiegelt zich een cultuur. Is het dan nu niet eens tijd om echt aandacht te besteden aan 5 mei?

Vieren dat we het overleefd hebben, dat wij kunnen blijven dromen van vrijheid. Een goede nationale invulling in de samenleving, met en voor elkaar. Zo is 5 mei vieren een Gloria voor de toekomst van de Nederlandse samenleving.

Pleidooi

Gezien de relevantie van feestdagen en weerspiegeling van onze, seculiere, cultuur  is het wellicht tijd om bijvoorbeeld Hemelvaart in te ruilen voor 5 mei als officiële, vrije feestdag? Als vrijzinnige wil ik daar een warm pleidooi voor houden.

Wies Houweling

Lees ook

Bidden met de voeten
Meer blogs

Verboden vruchten

Eva of Sneeuwwitje, hun appels als taboe

Vrijzinnige verboden vruchten?

Heeft het u ook aangenaam verrast dat het thema van de Boekenweek 2017 in ons geseculariseerde Nederland ‘Verboden vruchten’ was? Misschien dat niet iedereen de Bijbelse verwijzing heeft begrepen, maar die kun je toch niet ontkennen.

Als vrijzinnige blijf ik me verbazen, hoe christelijk onze cultuur eigenlijk is. Ik las vele stukken over zonde en vrouwen en appels, maar helaas niets over Sneeuwwitje.  Die hoort voor mij als vrijzinnige echt bij dit onderwerp. De appel van Sneeuwwitje is ook veel gevaarlijker dan die van Eva.

Ligt het oerverhaal van de verboden vrucht niet in oude verhalen? Maar nergens iets over de giftige appel, alleen over de appels die kennis geven. Praten over verboden vruchten is een calvinistische insteek, die een sfeer oproept van lang geleden. Wie maalt er nog om verboden vruchten, alles mag toch, wat is er gevaarlijk aan?

De zonde van de vrouw

Daarnaast was ook de titel van het Boekenweekgeschenk, geschreven door Connie Palmen: ‘De zonde van de vrouw’. Hoe christelijk wil je het hebben? Verboden vruchten, schuld, zonde, vrouw. Al deze onderwerpen kwamen terug in het thema van de Boekenweek. Bekroond met een boekje, geschreven door een vrouw, over de zonde van vrouwen. Als teken van Nederlandse cultuur op haar hoogtepunt? Zijn we niets opgeschoten met de emancipatie van de vrouw, is zij nog steeds de belangrijkste draagster van verboden vruchten? Eigenlijk wel. De meeste jury’s bestaan uit mannen, de meeste bekende schrijvers zijn mannen, maar de meeste lezers zijn vrouw!

Appel van Sneeuwwitje

Als geseculariseerde Nederlandse had ik misschien eerder gedacht dat het ging om de appel van Sneeuwwitje. Leven wij niet in de tijd van verhalen, symbolen en rituelen? Liggen sprookjes gewoon ook net onder de oppervlakte, in het onder bewuste van onze cultuur? Zijn daar taboes, zonden en verboden vruchten? Had dat niet een veel spannender thema opgeleverd? Persoonlijk denk ik dat we in deze geseculariseerde wereld banger zijn voor de comateuze slaap door een hap uit de appel van Sneeuwwitje dan voor een hap van de appel van Eva die ons de kennis des onderscheids brengt.

Vrijzinnigen vinden het allemaal best, die zullen altijd beide verhalen waarderen, maar zijn banger voor de coma, dan de kennis. Wakker zijn en blijven, dat is het motto van veel vrijzinnigen.

Wies Houweling

Meer blogs lezen?

Anne Zernike

Anne Zernike verbeeldde zich heel wat

In De mensch en zijn godsdienst, gepubliceerd in het eerste bezettingsjaar, brak de radicaalvrijzinnige theologe en NPB-predikante Anne (Manke) Zernike (1887-1972) een lans voor die vormen van vrijzinnigheid die geen uitwendige autoriteit erkenden van kerk, bijbel of dogma’s.[1]

Enkele jaren daarvoor had zij religie al eens geduid als een eeuwig licht dat, vallend door een wereldlijk prisma, waarin het uiteenspat in vele kleuren en vormen, altijd herleid kan worden naar die ene, ondeelbare, bron.[2] Voor Zernike lag in dat besef geen terugkeer naar de veiligheid van kerkmuren of christendom. Het inzicht vormde voor haar juist een schakel in het proces van het verder openbreken van de in haar ogen soms te dogmatische vrijzinnigheid. Een belangrijke rol zag zij daarin weggelegd voor de verdraagzaamheid.[3]

Katalysator

Het was de horror van het bombardement van Rotterdam – in de meidagen van 1940 –  die had gefungeerd als een katalysator in haar denken hierover. Terwijl in haar kerk (Het Nieuwe Verbond – Rotterdam Zuid) hen die alles verloren hadden en op de vlucht geslagen waren werden opvangen realiseerde Zernike zich dat ze niet langer – zoals ze in de jaren daarvoor wel had gedaan – op het aambeeld van de absolute weerloosheid moest slaan, maar op zoek moest naar manieren om te midden van verschillen samen verder te leven.

Anne Zernike

Anne (Mankes) Zernike (met ketting) te midden van leden van ‘haar’ NPB-afdeling op Rotterdam-Zuid – eind jaren ’30 (privé-collectie)

Verdraagzaamheid

Elkaar verdragen. Het met elkaar uithouden. In een tijd  waarin om mij heen allerhande koersen van uitsluiting in zijn en worden geslagen – en ik het daarmee soms maar moeilijk uithoud – inspireert en motiveert Zernike me om te zoeken naar die, soms ook wel eens wat utopische aanvoelende, contouren van verdraagzaamheid. Aanwijzingen vind ik in haar latere werk, maar ook in het overzien van haar levenswandel. Zelf was ze bepaald geen conflictvrije persoonlijkheid. Geen heilige. Geen rolmodel voor ‘pais en vree’. Een echt mens met een woelig leven, waarin werd nagedacht, gevoeld, gewonnen, verloren, gewikt, gewogen en heel veel gediscussieerd.

 

Anne Zernike raakt me vooral als ze, soms tastend, maar meestal met een scherpe pen of stem, aanwezig is in het debat en op zoek is naar ruimte. In het vinden van consensus of in gladstrijkende vriendelijkheden lijkt ze totaal niet geïnteresseerd. Het is haar vooral aangelegen ons duidelijk te maken dat te allen tijde de betrekkelijkheid van de vorm van de richting waar we denken toe te behoren ingezien moet worden. Dat geeft lucht en daar kan ware humaniteit beginnen.

Dialoog

De contouren van Zernikes’ denken over verdraagzaamheid zie ik de laatste jaren terug in het werk van mijn collega’s aan de Universiteit voor Humanistiek. In het doordenken van de ‘vreemde vrijheid van het scheppen […]’(Camus, 1954) of van het Tayloriaanse begrip ‘social imaginaries’, waarin gedeelde sociale verbeeldingen worden verkend om vanuit die verbeelding zowel te scheppen als zelf geschapen te worden.

Ook zie ik het terug in het idee van ‘learning in tension’, waarin mensen vanuit verschillende achtergronden – en zonder het ooit met elkaar eens te hoeven worden – in dialoog gaan, om letterlijk en figuurlijk een ruimte te scheppen voor zichzelf en elkaar.[4] Zijn het utopische gedachten en aanpakken? Ik denk het wel. Zijn ze daarmee ook ‘onmogelijke werkelijkheden’? [5] Dat geloof ik niet.

Froukje Pitstra

Noten

Anne (Mankes) Zernike (met ketting) te midden van leden van ‘haar’ NPB-afdeling op Rotterdam-Zuid – eind jaren ’30 (privé-collectie)

[1] A. Mankes-Zernike, De Mensch en zijn Godsdienst (Naarden 1941)

[2] A. Mankes-Zernike, ‘Historische Godsdiensten en Universeele Religie’. Geschrift nr. 5 van de Linker-werkgroep van Moderne Theologen (Assen 1938) pp. 25-29. ‘Moge het goddelijke licht, door verschillende facetten van het prisma gebroken, voor ieder een andere kleur hebben, het [is] toch een en hetzelfde licht, dat alle godsdiensten aanbidden.’

[3]De Mensch en zijn Godsdienst, pp. 122-123. ‘Het beste erfgoed der vrijzinnigheid is waarschijnlijk de verdraagzaamheid’.

[4] Zie o.a. publicaties van prof. dr. Hans Alma, prof. dr. Laurens ten Kate en dr. Caroline Suransky (allen leerstoel Globalisering en Dialoogstudies). Lees over de ‘vreemde vrijheid’ meer in de inaugurele rede van Ten Kate, bijzonder hoogleraar Vrijzinnige Religiositeit en Humanisme: L. ten Kate, De vreemde vrijheid. Nieuwe betekenissen van vrijzinnigheid en humanisme in de 21ste eeuw (Amsterdam, 2016)

[5] Utopie is een literair-filosofische term die vaak omschreven wordt als een ‘onmogelijke werkelijkheid’, een ideale wereld, een ideaal welke echter niet bereikt kan worden.

Meer informatie

Vrijzinnig Utopia
Inspiratiebronnen

drag queen

Leren van gemake-upte heren

Vrijzinnig Utopia, de ideale wereld dichterbij

Op de ideale vrijzinnige levensschool draagt men steile hakken, strakke jurkjes, valse wimpers, nagellak, een duimdikke laag make-up en een synthetische pruik. Tenminste, in ieder geval de heren. Want mijn ideale vrijzinnige levensschool haalt de mosterd bij drag queens. Of op z’n ordinair Hollands: travestieten. Van die gemake-upte heren valt namelijk heel wat vrijzinnigheid te leren.

Drag queen

Over twee maanden zal ik mijzelf onderdompelen in deze extravagante wereld. Dan breng ik in Californië een bezoek aan DragCon. Een conferentie rond de televisieshow RuPaul’s Drag Race. Daarin gaat RuPaul, één van ’s werelds bekendste drag queens, in een afvalrace op zoek naar America’s Next Drag Superstar. Inmiddels staat het negende seizoen in de startblokken en heeft de show zich wereldwijd – ook in Nederland – een ware cultstatus verworven. Maar wat valt hier nu van te leren?

In de eerste plaats dat drag queens met een fikse foundationkwast de hokjesgeest te lijf gaan. De geijkte grens tussen mannelijke en vrouwelijke rolpatronen wordt ongenadig in poederwolken gehuld. En wel op zo’n uitbundig flamboyante manier dat het de hele contourlijn tussen normaal en abnormaal vervaagt. Dat is exact de houding waar ik als vrijzinnige aan hecht: vanzelfsprekendheden voortdurend in vraag stellen en grenzen durven uit te wissen. Ook al doe ik dat zelf doorgaans met wat minder glitter.

Creatieve buitenbeentjes

Daarnaast biedt de drag scene een vrijplaats voor creatieve buitenbeentjes. Een thuis waar afwijkende ruimdenkers en -doeners de erkenning en herkenning vinden die ze daarbuiten vaak missen. Net als de vrijzinnigheid zal deze vrijplaats kwantitatief gezien in de marge blijven. Juist vanuit de kantlijn kun je echter voor vernieuwende impulsen zorgen. Zo hebben drag queens bijvoorbeeld een onevenredig grote rol gespeeld in de strijd voor LHBT-rechten. Bij uitstek die eigenwijs idealistische strijdvaardigheid zou in mijn ultieme vrijzinnige levensschool welig tieren.

Tot slot een laatste les in de woorden van RuPaul zelf: ‘Drag never, ever takes itself too seriously.’ Oftewel: neem jezelf flink op de hak en leef je leven met een langgewimperde knipoog.

Klaas Douwes, voorganger in Apeldoorn en lid van de Vrijzinnige zeven. Hij heeft deze blog geschreven in het kader van de communicatiecampagne Vrijzinnig Utopia.

demonstratie

Bidden met de voeten

Sinds jaren loop ik weer uit protest. De wereld vraagt er om en je moet ergens beginnen. Sommige mensen denken dat dit het enige is dat ik doe, maar het is maar een begin voor een betere samenleving. Het is lopen tegen niets doen en cynisme, het is bidden tegen wanhoop, het is je met je medestanders verbinden. Willen wij deze wereld veranderen, dan moeten wij in beweging komen. Want als je blijft zitten, gebeurt er niets.

Demonstratie

Soms weet ik ook niet precies waar ik moet beginnen of waar de oplossing ligt, alleen een duidelijk ‘dit niet’. Een demonstratie is geen ultieme wanhoopspoging, maar het laat zien waar je staat. Het versterkt hoop en het roept alle krachten op, in jezelf en in anderen. Niet blijven somberen in je eentje, met elkaar kunnen we wat.

De dag na de inauguratie van Donald Trump, op 21 januari, liep ik mee in de vrouwendemonstratie. Toen ik een foto van deze demonstratie op Facebook en Twitter zette, antwoordde iemand ‘deugpuntjes weer gehaald?’. Ik was verbijsterd. En schreef terug: ‘nee, bidden met de voeten.’ Je wilt ergens bij zijn, iets doen. @dehardewaarheit, zo heette de tweeter, denkt in deugpuntjes! Cynisme ten top. Misschien krijgt hij gelijk, maar voorlopig nog niet.

demonstratie

Deugpuntjes

Wat zijn deugpuntjes eigenlijk? Als je googled krijg je deugpietjes en die deugen helemaal niet. Deugpuntjes zijn misschien de stickers die mijn neefjes en nichtjes vroeger kregen als ze een werkje hadden gemaakt voor hun ouders. Zo werkt het niet meer, misschien kon je er vroeger mee in de hemel komen, nu niet meer. Er is een nieuwe generatie mensen, die de handen uit de mouwen steekt.

Er liepen in deze demonstratie veel jonge mensen mee met een creatieve boosheid. Ze hadden prachtige spreuken en droegen roze mutsjes. Het was goed er bij te zijn. Lopen is waarschijnlijk eenvoudiger dan schrijven, dat geef ik toe. Al lopend voel ik mij betrokken bij een tegenbeweging, meer dan als ik thuis blijf zitten.

Dromen

We dromen weer, we moeten wel, onze creativiteit en energie zijn wakker geschud. Blijkbaar hadden we de inauguratie van Trump nodig om in beweging te komen. Ook ik was ingedommeld. Er staat voor jonge mensen heel veel op het spel. We weten nu veel duidelijker hoe een betere wereld er uit kan zien.

Als je de straat op gaat, is dat niet het einde van een actie, maar een begin. Deze protesten zijn het begin. Geen deugpuntjes maar dromen delen, met humor, een eindje met elkaar oplopen, een beetje bidden met de voeten.

Word wakker we moeten de wereld redden!

Wies Houweling

Meer blogs lezen?

 

lege kerk

Kerken blijf bij de tijd

Chaos rond persoonsgegevens, waar zijn jullie bang voor?

De grote kerken krijgen in 2018 geen adreswijzigingen van de gemeenten door als hun leden verhuizen. Het past niet meer in onze samenleving om zo met het lidmaatschap van een kerk en de zorg voor mensen om te gaan. Het is geen verrassing, maar in 2018 wordt het een chaos in de administratie van veel kerken in Nederland, vooral RK en de PKN.

Kerken maken bezwaar tegen deze ontkoppeling van de basisadministratie van de gemeente aan de kerkelijke administratie. Het werk van de Stichting Interkerkelijke Leden Administratie (SILA). Waar zijn ze plotseling bang voor?

Verrassing?

Het is geen verrassing, want wat men al lange tijd vreesde wordt werkelijkheid. Waar zit nu de angst? Dat mensen zich makkelijker uitschrijven? Mijn collega heeft onlangs een ultieme poging gedaan om zich uit te schrijven bij de katholieke kerk. Gelukkig kun je daar op het internet nu voorbeeldbrieven voor krijgen. We klagen over nieuwsbrieven via de email waar we nooit meer vanaf komen, maar voor een kerkelijk lidmaatschap geldt dat niet?

lege kerk

Unieke Nederlandse folklore

Er zijn maar weinig landen waar dit gebeurt. In sommige Europese landen kun je wel zelf bij de overheid je religieuze voorkeur opgeven, en ook weer wijzigen. In bijvoorbeeld de VS is dit systeem ondenkbaar, omdat het in strijd is met de grondwet.

Volg de kleine geloofsgemeenschappen

Kleinere geloofsgemeenschappen zijn altijd zorgzaam voor hun leden.  De leden zijn zelf verantwoordelijk voor de in-,  en uitschrijving. Vrijzinnigen Nederland, de voormalige Nederlandse Protestanten Bond, heeft nooit meegedaan aan dit administratieve systeem. Zij staat dan ook open voor veel mensen met een dubbel lidmaatschap. Dat hoort bij vrijzinnigen.

Waar is de bezorgdheid om?

Het vermoeden is natuurlijk dat de grote kerken angstig zijn omdat ze zo misschien nog meer schaapjes verliezen. Zouden de kerken zich niet meer zorgen moeten maken over mensen die zich niet meer willen inschrijven?

Het zal toch niet zijn om de zorg voor de mensen die net buiten de diaconale of pastorale zorg dreigen te vallen? Dat is nu ook al een uiterst moeizaam gebied. De zorg van kerken strekt zich toch altijd veel breder uit dan haar leden? De kwetsbaren moeten we altijd en overal zoeken.

Autonome individuen melden zich wel als het hun uitkomt. Bovendien is lidmaatschap niet meer van deze tijd. Kerken wordt wakker: het is 2017.

Wies Houweling en Johan de Wit